Zoek >>
   Home > Informatie over > Oorzaken > Invloed natuurlijke processen op klimaat
Informatie over
Publicaties
Klimaatkalender
PCCC activiteiten
Nieuwsarchief
Nieuwsbrieven
Scholierendossier
Vraag & antwoord


Oorzaken
 
 
Invloed natuurlijke processen op het klimaat
Rob van Dorland (KNMI)
 
De klimaatschommelingen in de 20ste eeuw tot aan 1950 zijn hoofdzakelijk veroorzaakt door drie natuurlijke oorzaken: sterke vulkaanuitbarstingen, variaties in zonneactiviteit en interne variabiliteit . Sterke vulkaanuitbarstingen blazen enorme hoeveelheden aërosol tot grote hoogte in de atmosfeer. Deze deeltjes verblijven gemiddeld een paar jaar in de hogere atmosfeer en kaatsen zonlicht terug waardoor het aardoppervlak afkoelt. Daarnaast is de zon geen constante energiebron. Processen op de zon zorgen voor kleine wisselingen in de hoeveelheid energie die de aarde bereikt, waardoor de temperatuur van de atmosfeer en aardoppervlak fluctueert. De derde natuurlijke factor wordt gevormd door zogeheten interne variabiliteit, waarvan El Niño de meest bekende is. El Niño is de naam die gegeven is aan een complexe wisselwerking tussen de oceaan en atmosfeer die eens in de drie á zeven jaar de zeewatertemperatuur in een gebied ten westen van Peru abnormaal verhoogt. Dit verschijnsel zorgt vervolgens voor wereldwijde afwijkingen van de bewolking, de neerslag en de temperatuur.
 
Vulkaanuitbarstingen en zonneactiviteit
In de periode 1880 tot 1920 was sprake van verhoogde vulkanische activiteit, terwijl er tussen 1920 en 1960 geen vulkaanuitbarstingen van betekenis zijn geweest. Samen met een toename van de zonneactiviteit kan de opwarming in de eerste helft van de 20e eeuw daarmee verklaard worden. De dalende temperatuurtrend tussen 1945 en 1976 wordt in verband gebracht met enerzijds een lichte afname van de zonneactiviteit en anderzijds met een toename van grote vulkaanuitbarstingen in de tweede helft van deze periode, beginnend met de uitbarstingen van de Mount Agung in 1963.
 
Temperatuurstijging sinds 1950
Vanaf 1950 kan het verloop van de wereldgemiddelde temperatuur alleen goed verklaard worden door de menselijke invloed in rekening te brengen. Daarbij speelt de verandering van de atmosferische samenstelling een belangrijke rol. Veranderingen in het landgebruik dragen vermoedelijk ook bij. Klimaatmodellen, die gevoed worden met zowel de natuurlijke als antropogene (door de mens veroorzaakte) verstoringen, kunnen het waargenomen temperatuurverloop in de 20e eeuw in grote lijnen simuleren. Ook langs andere weg, waarbij de waargenomen wereldgemiddelde temperatuur gecorrigeerd wordt voor de beste schattingen van de belangrijkste natuurlijke factoren, vulkaanforcering, zonneactiviteit en El Nino, blijft een markante temperatuurstijging over in de tweede helft van de twintigste eeuw van circa 0,5ºC. Deze temperatuurtrend komt qua vorm en timing sterk overeen met wat klimaatmodellen aan menselijke invloed berekenen. Uit dit soort studies blijkt dat de menselijke invloed op de temperatuurstijging vanaf 1950 overheersend is geworden.
 
Temperatuurtrends natuurlijke factoren
 
Figuur: Temperatuurtrends natuurlijke factoren (KNMI)
 
Meer lezen:
» Methaan uit bomen geen oorzaak klimaatverandering Info-KNMI en Info-MNP
» Invloed zon op klimaat blijkt beperkt (pdf)

 
Portaal Login